Verklarende woordenlijst van notariële termen
Aanverwanten:
Schoonfamilie van echtgenoot/echtgenote
Aanvaarden
Beneficiaire aanvaarding:
Aanvaarden (van de erfenis) onder het voorrecht van boedelbeschrijving, d.w.z. de
erfgenamen aanvaarden de erfenis en zijn voor de schulden alleen aansprakelijk voor zover
er baten aanwezig zijn in de boedel. (Men mag zich echter tot het definitief aanvaarden van
de erfenis niet 'gedragen als erfgenaam').
Verwerpen:
De erfenis gaat naar de andere erfgenamen.
Zuiver aanvaarden:
De erfenis aanvaarden ongeacht of het eventuele saldo positief of negatief is.
P.S. Als iemand iets uit de erfenis ontvreemd c.q. verdonkeremaant wordt dat juridisch
gezien als het zuiver aanvaarden van de erfenis!
Ascendenten:
Verwanten in opklimmende lijn (Grootouders en verdere familieleden).
Boedelkosten:
Begrafenis- of crematiekosten, notariskosten en andere kosten van deskundigen (accountant,
belastingadviseur etc.).
Bloedverwanten:
Personen die van elkaar afstammen of een gemeenschappelijke stamvader hebben.
Bloot eigendom:
Eigendom waar geen lusten en lasten van worden genoten. Er vindt hier dus geen
'vruchtgebruik' plaats.
Voorbeeld: een huis of land waarvan men eigenaar is, maar er niet in of op woont, daar geen
vergoeding voor ontvangt maar ook geen kosten voor betaalt. De eventuele waardestijging
c.q. waardedaling behoren wel bij het bloot eigendom.
Centraal Testamenten Register:
In dit register wordt vermeld wie een testament heeft gemaakt en bij welke notaris (echter
niet de inhoud van het testament). Na overlijden van de erflater kan iedereen bij de
dichtsbijzijnde notaris nagaan of iemand een testament heeft gemaakt en bij welke notaris
dat bewaard wordt. De inhoud van het testament wordt door de notaris echter alleen aan
direct belanghebbenden prijsgegeven.
Erflater:
De overledene die bezit en/of schulden nalaat.
Erfdeel onthouding (geen recht op erfenis):
Als een erfgenaam zijn/haar erflater heeft vermoord kan hem/haar het erfdeel (erfrecht)
worden onthouden.
Erfrecht (wettelijk):
Het erfrecht geldt tot in de 6de graad (bloedverwantschap).
Erfstelling:
Rechtsopvolger onder algemene titel, dus ook in de schulden. Hij/zij treedt juridisch
gezien in de persoon van de overledene.
Executeur Testamentair:
Uitvoerder van het testament of de laatste wilsbeschikking (codicil), kan de notaris zijn
of bijvoorbeeld een door de overledene daartoe aangewezen persoon. Zijn/haar vergoeding
bestaat (als erflater daar niets over beschreven heeft) uit 2,5% van de ontvangsten en 1,5%
van de uitgaven van de nalatenschap.
Kavelen van de erfenis:
Verdelen van de erfenis bij de rechter.
Legaat:
Een legaat is een erfmaking (iemand tot erfgenaam benoemen) c.q. een testamentaire
beschikking waarbij de erflater aan een zeker persoon (legataris) bepaalde goederen,
rechten etc. bij overlijden geeft. U kunt legaten maken bij testament (een notariële akte,
opgemaakt door een notaris) en bij codicil, opgemaakt door uzelf.
Notariële Akte:
Een door een notaris opgemaakt geschrift dat door hem en opdrachtgever/belanghebbende is
ondertekend en gedagtekend . De akte dient tot bewijs van het in de akte gestelde. Het
exemplaar dat de notaris bewaart heet minuut.
Legataris:
Persoon aan wie de overledene(erflater) bepaalde goederen per codicil of testament nalaat
of een bepaald bedrag en/of registergoederen per testament nalaat.
Legitimarissen:
De erfgenamen die een wettelijk recht hebben op een in de wet bepaald deel (de legitieme
portie) van de nalatenschap (de erfenis). In principe zijn de kinderen de legitimarissen,
kinderen kunnen namelijk niet onterfd worden, wel kan men hun deel van de nalatenschap
beperken tot hun legitieme portie. De echtgenoot/echtgenote is geen legitimaris.
Matrixsysteem:
Taxateur bepaald het gemiddelde (van de waarde) bij de verdeling van de nalatenschap.
Minuut:
zie bovenstaand bij notariële akte.
Registergoederen:
Registergoederen zijn goederen waar bij de overdracht of de vestiging daarvan
(b.v. huis/schip) inschrijving in de openbare registers (b.v. hypotheek/scheepsregister)
verplicht is.
Soorten Testamenten
Holografisch testament:
Eigenhandig geheel uitgeschreven testament, ook wel gesloten testament genoemd.
Ik opa testament:
Als opa een geldsom wil nalaten aan zijn klein- kinderen. Dit gebeurt veelal om dubbele
vererving c.q. dubbele successiebelasting te voorkomen. Als de erfenis namelijk een
generatie overslaat kan het tarief worden gedrukt, dit omdat het vermogen slechts eenmaal
vererft, d.w.z. kleinkind erft direct en niet via zijn ouders. Het voordeel hiervan is dat
er ook maar éénmaal successiebelasting hoeft te worden betaald.
De constructie is vaak als volgt: Opa laat aan zijn kleinkind een geldsom na onder de last
van vruchtgebruik ten gunste van de ouders van het kleinkind. Mochten de ouders komen te
overlijden dan vererft deze geldsom niet nog een keer, immers het geld is al van het
kleinkind.
Krijgsman testament:
Testament dat opgemaakt kan worden door militairen (komt overigens nog maar heel weinig
voor) gedurende oorlogshandelingen. Het is maar 14 dagen geldig.
Langst leef al testament (langstlevende testament):
De langstlevende partner is de erfgenaam. De kinderen krijgen wel een vordering ter
grootte van hun rechtmatige erfdeel. Het successierecht voor de kinderen moet berekend
worden over de contante waarde van de vordering (bij huizen, aandelen e.d. de waarde op de
dag van overlijden). De langstlevende ouder betaalt successierecht over de gehele
nalatenschap verminderd met de waarde van de schuld aan de kinderen.
Vruchtgebruiktestament:
De langstlevende krijgt het vruchtgebruik van de nalatenschap. Over de waarde van deze
nalatenschap moet evenwel successierecht worden betaald. Over het blote eigendom dat naar
de overige erfgenamen gaat moet ook successierecht betaald worden. De waardering voor zowel
het vruchtgebruik en bloot eigendom kan door een notaris gemaakt worden.
Testateur:
Hij/zij die een testament heeft laten maken.
Vruchtgebruik:
Zakelijk recht om iemand anders zijn goed (veelal eigendommen) te gebruiken en daarvan de
vruchten (opbrengsten) te trekken, dit alsof men daar zelf de eigenaar van is. Mits men
zorgt dat het goed in stand blijft.
Voorbeeld: Huis is eigendom van de kinderen, de ouder(s) mag er in wonen, mits deze zelf
alle lasten e.d. betaalt.